Wijnproeven 101 – Of Je Wijn Lust?!

Wijnproeven 101

Wijnproeven 101

Tijdens de 101-blogs leer je de beginselen van wijn. Dit jaar beginnen we met proeven. Simpel zou je denken. Pak een fles, een glas en schenk jezelf in. Lekker? Mmm nog een slok. Vies? In de gootsteen ermee! Oké, we overdrijven een beetje. We willen bij het proeven een stapje verder gaan. In deze 101-blog vind je de belangrijkste handvatten om systematisch te proeven.

Voordat je werkelijk gaat proeven, begin je met kijken en ruiken.

Kijken

Door eerst de kleur vast te stellen, kun je onder andere de leeftijd van de wijn schatten. Je had zelf al door dat er meer kleuren te onderscheiden zijn dan simpelweg wit, rood of rosé. Een heel palet aan kleurschakeringen. Zo kunnen jonge witte wijnen haast doorzichtig wit zijn en oudere donkergoud of bruin. Bij rode wijnen kunnen licht paars tot diepbruin van kleur zijn. Hoe donkerder, hoe ouder. Op iedere regel is op zijn minst ook één uitzondering van toepassing en in dit geval wel meerdere. Zo zijn niet alle witte wijnen met een intensere kleur wat ouder, het kan namelijk ook zo zijn dat de wijn houtrijping heeft gehad. Doordat hout zuurstof doorlaat, oxideert de wijn een beetje en krijgt het een diepere kleur.

Ruiken

Je ruikt de wijn eerst zonder te walsen, zo kun je onder andere kurk makkelijker eruit halen (duimen dat de wijn geen kruk heeft). Daarna wals je het glas zodat de aroma’s beter vrijkomen. Ben je nog geen geoefende walser en bang dat de wijn uit je glas klotst? Zet dan het glas op tafel neer en schuif rondjes.

In wijnen zijn ontzettend veel geuren te onderscheiden. Gelukkig is er al volop onderzoek gedaan naar de aroma’s in wijnen. Naar gelang de druifsoort en het klimaat zijn typische aroma’s aan te wijzen.

Primaire aroma’s

Denk bij witten wijnen aan bloemen en fruit. Heeft een wijn veel van dit soort aroma’s, dan is het een jonge wijn. In sauvignon blanc ruik je vaak kruisbessen, gras en kattenpis (echt waar… dus geef je lieve huisdier niet de schuld). Typerend voor grüner veltliner is juist peer. Chardonnay is een veelzijdige druif, die over de hele wereld wordt verbouwd. Zo is een Chablis strak en fris, en ruik je groene appel en citroen. Terwijl je in een zuidelijke Bourgogne chardonnay, zoals een Pouilly-Fuissé, tonen van rijp fruit als perzik, en tropische fruit als meloen kunt ruiken.

Ook in rode wijnen kun je een aantal fruitaroma’s ruiken, verschillende besjes (rode bes, zwarte bes), bramen, frambozen, aardbeien of (rode of zwarte) kersen. Gebieden met een koel klimaat hebben vaak aroma’s van bessen, terwijl je in wijnen uit gebieden met een warm klimaat wat rijper fruit proeft.

Secundaire aroma’s

Deze aroma’s ontstaan door houtrijping en malolactische omzetting. Pardon…? Malo wattes?! Bij malolactische omzetting worden appelzuren (ja, die zitten in druiven) omgezet in melkzuren. Bij het maken van rode wijnen gebeurd dit sowieso, maar bij witte wijnen kan dit proces worden omzeild door de wijnen niet boven de [20] graden te vergisten. Dit alles mag je weer vergeten, wat belangrijk is om te onthouden is dat witte wijnen die ‘malo hebben gehad’ vaak ruiken naar boter, room of kaas. Bij houttonen kun je denken aan cederhout, vanille, en specerijen als kruidnagel en nootmuskaat.

Tertiaire aroma’s

Wijnen kunnen ook tertiaire aroma’s bevatten (dat is niet altijd het geval). Wijnen die lange tijd rijpen, ontwikkelen deze zogenaamde ouderingstonen. Natuurlijk zijn niet alle wijnen gemaakt om te bewaren, maar sommige wijnen kun je gerust decennia laten liggen. Bosgrond, paddenstoelen en leer zijn een aantal aroma’s die terugkomen in oude wijnen. Klinkt vies, maar zoals Hilde zou zeggen: ‘Dat valt reuze mee!’

Proeven

Zo! Nu zijn we bij het ‘echte’ proeven aanbeland. Neem een slokje en laat de wijn door je mond walsen. Komen de kenmerken in de neus overeen met de smaak van de wijn? Welke andere aroma’s proef je?

Ook andere aspecten spelen bij het proeven een rol zoals alcohol en tannine. Alcohol zegt vaak iets over het klimaat. Kort door de bocht, komen wijnen met veel alcohol uit gebieden waar de zon volop schijnt. Het zorgt voor rijpere druiven. Tijdens de vergisting worden suikers in de druiven ‘opgegeten’ en omgezet in alcohol. Tannine zorgt voor de korreltjes op je tong. Hoe meer je van die korrels voelt des te meer tannine erin zit.

Je hebt vast wel eens iemand horen praten over de body van een wijn. Je zou het kunnen omschrijven als de balans tussen aroma’s, alcohol en de zoetheid van de wijn. Je spreekt bijvoorbeeld van een flinke body als je een mondvullend gevoel hebt, zoals bij zuidelijke Italiaanse wijnen als Primitivo en Negroamaro. Wijnen uit een koelklimaat hebben vaak een lichte body, denk aan witte Loirewijnen zonder hout.

Tenslotte, de afdronk. Blijf je na het doorslikken de wijn proeven? En zo ja, welke aroma’s blijven hangen? Een lange afdronk is niet per definitie een kenmerk van een goede wijn. Persoonlijk vinden wij het jammer als alleen de zuren overeind blijven.

Leuk en aardig al dat geneuzel over aroma’s, maar het belangrijkste is toch dat de wijn lekker is?! Mee eens! Maar door (af en toe) systematisch te proeven, leer je beter begrijpen wat je precies lekker vindt in bepaalde wijnen. Daarnaast kan het je ook helpen bij het kiezen van fijne wijnspijscombinaties. En voor mensen die denken: wat the *#!?! Peer, vers gemaaid gras, kattenpis, bosgrond… Wijn is toch zeker van druiven gemaakt! Probeer eens wijn op deze manier te proeven. Je zult zien dat je verschillende smaken kunt onderscheiden.

No Comments

Post a Comment

Hey volg je ons ook al op social?!

Furmint
Isabella
Trebbiano
Eiswein
Yaen
Riesling